"De procedure ligt er wel, maar in de praktijk valt nog wel wat te leren"

Interview Albert Veuger, coördinator/aanjager Thuiszittersaanpak regio Lekstroom

 

Albert Veuger, coördinator/aanjager Thuiszittersaanpak regio Lekstroom, vertelt waarom het aanpakken van de thuiszittersproblematiek hoge prioriteit heeft. “Op 1 augustus 2014 is de wet passend onderwijs van kracht gegaan en in 2015 vond de transitie jeugdzorg plaats. Ondanks dat deze veranderingen ervoor zouden moeten zorgen dat ieder kind een passende plek in het onderwijs zou krijgen, is juist het aantal kinderen dat niet op school zit - maar wel leerplichtig is - toegenomen. Dit komt omdat er veel onduidelijkheden zijn.” Hoog tijd om duidelijkheid te scheppen.

 

Wethouders, schoolbesturen en de samenwerkingsverbanden primair onderwijs en voortgezet onderwijs in de regio hebben een Thuiszittersaanpak gemaakt. De kern daarvan is: ‘In 2020 zit ieder kind binnen zes weken op een passende plek binnen onderwijs en/of zorg.’

 

Er is een kerngroep thuiszitters geformeerd, bestaande uit Jos de Jong, directeur van samenwerkingsverband voortgezet onderwijs, Jeldau Bollema, voormalig beleidsmedewerker samenwerkingsverband primair onderwijs, Suzanne Geertsema namens de Lekstroomgemeenten en Albert Veuger als coördinator/aanjager Thuiszittersaanpak.

 

Albert Veuger vertelt: “We komen elke vier weken bij elkaar om afspraken te maken over de vier hoofdthema’s die we geformuleerd hebben. Deze thema’s zijn: verbeteren van de preventie, een passende onderwijsplek voor elk kind, terugdringen vrijstellingen van onderwijs en verbinding met een instelling met verblijf. We zien: de procedure ligt er wel, maar in de praktijk valt nog wel wat te leren. En daar zijn we hard mee bezig.”

“Zo werken we momenteel aan het maken van één verzuimprotocol voor de hele regio, aan nieuwe Onderwijs-zorgarrangementen en aan het verbeteren van de terugplaatsing van residentiële kinderen op de oude school.”

 

“In de formele zin van het woord hebben we geen thuiszitters in deze regio, maar toch zijn ze er wel. Wij vinden namelijk dat elk kind dat geheel of gedeeltelijk geen onderwijs volgt, een thuiszitter is. Dus ook zij die lestijdverkorting krijgen of een vrijstelling hebben. In deze regio is er best een grote groep die verstoken is van onderwijs. Een kind dat op achtjarige leeftijd al lange tijd niet meer naar school gaat, bijvoorbeeld, omdat het onder behandeling staat van een psychiater en niet weerbaar genoeg is om naar school te gaan. Ook voor zo’n kind met een onderwijsvrijstelling moeten we op zoek gaan naar één of andere vorm van onderwijs, eventueel in combinatie met zorg.”

 

“Er zijn ook kinderen die al op jonge leeftijd dagbesteding krijgen in een speciaal medisch kinderdagverblijf of intensieve jeugdzorg krijgen. Zij zitten soms ongemerkt langer in die instelling dan nodig. Daarom kijken we nu bewust bij vijfjarigen, met een onafhankelijk persoon, of een kind leerbaar is en de stap naar onderwijs toch gemaakt kan worden. We brengen deze kinderen nu allemaal in kaart en gaan ermee aan de slag om ook hen onderwijs te bieden.”

 

“Er zijn ook kinderen die vanuit een tehuis weer terug willen keren naar school, maar waar het schoolbestuur van de vroegere school het kind niet welkom heet. Dat moet gemeld worden bij het samenwerkingsverband, zodat deze het schoolbestuur kan wijzen op zijn zorgplicht en mee kan denken aan een oplossing.”

 

“Scholen moeten bij elk soort verzuim alert zijn, het kan immers een indicatie zijn dat er iets mis is. Tijdig handelen is zo belangrijk, want hoe langer een kind geen onderwijs volgt, des te moeilijker terugkeren op een school wordt. Er gaan veel dingen goed, maar we merken ook een aantal dingen op waaraan we met elkaar moeten werken: verzuim tijdig melden, overleg met verschillende deskundigen in een vroeg stadium beleggen en als eerste kijken naar de rol en de verantwoordelijkheid van het onderwijs.”

 

“We zien bijvoorbeeld vrij vaak dat ouders vastlopen en samen met Sociaal Team al een plek geregeld hebben in bijvoorbeeld een centrum voor autisme, zonder dat onderwijs hierbij betrokken is. Als het kind dan ook nog wordt uitgeschreven, het samenwerkingsverband niet geïnformeerd is en er niet gemeld is volgens het verzuimprotocol, verdwijnt een kind uit beeld.”

 

“Hoewel het Sociaal Team zeker zo snel mogelijk betrokken moet worden om mee te denken, moet er dus niet direct gehandeld worden. De eerste stap is namelijk kijken welke oplossingen er in de onderwijshoek te vinden zijn. Naast Sociaal Team kan de jeugdgezondheidszorg, leerplicht en het samenwerkingsverband hierbij helpend zijn. Een oplossing kan bijvoorbeeld een Onderwijs-zorgarrangement zijn, waarbij een kind zowel onderwijs als zorg geboden wordt. Het is een samenspel dat op tijd goed ingestoken moet worden en waarbij op maat gewerkt zal moeten worden.”

 

KERNGROEP THUISZITTERS

Profi Pendi

Dukatenburg 101

3437 AB Nieuwegein

030 2751288

www.profipendi.nl

ontwerp: